TAALFILOSOFIETJE: TAAL HOE RAAR! HOLLAND-HOLLANDS, NEDERLAND-NEDERLANDS, ENGELAND-ENGELS, DUITSLAND-DUITS, NIEUW-ZEELAND-NIEUW-ZEELANDS, ZEELAND-ZEEUWS

Die afleidingen toch van geografische namen met ‘land’! Taal is een wonder. De grammatica heeft in de loop van de eeuwen en de jaren regels en regeltjes in taal ontdekt, maar vaak duiken toch onverklaarbare elementjes op, zoals in de titel aangegeven. Vooral Nieuw-Zeelands en Zeeuws vallen op, net als Nieuw-Zeelander en Zeeuw, inwoner van de huidige provincie Zeeland, waar in dialecten de ‘ui’ vaak nog als ‘uu’ klinkt en de ‘ij’ als gesloten ‘i’: ‘bruun’ en ‘zwiegen’!

SLUIS, waar Van Dale, die van het woordenboek, onderwijzer was ligt in Zeeland (in Zeeuws-Vlaanderen), NIEUWVLIET ook, waar de sportdag van de zesdes plaatsheeft, ook MIDDELBURG, de hoofdstad, waarheen in de late jaren zeventig een schoolreisje leidde, en eveneens NEELTJE JANS, een werkeiland in de Oosterschelde, dat vele gwp-ers in het 2de middelbaar leerden kennen.

De kopiist van ‘Onze’ Jacob van Maerlants HEILIGENLEVEN VAN SINT-FANSCISCUS spelde ZEEUWS nog als ZEEUS en Maerlant zelf schrijft in dat werk dat het voor hem als Vlaming moeilijk is om voor de Utrechtse opdrachtgevers altijd verstaanbaar te zijn, o.a. ook omdat hij rijmklanken moet vinden…

Men moet om de rime te souken

Misselike tonghe [verscheidene talen] in bouken:

Duuts, Diets, Brabants, Vlaemsch, Zeeus;

Walsch, Latijn, Griex ende Hebreeus

zeeland-middelburg-eind-jaren-70-003