OUD-LEERLING (1986) SEM VERMEERSCH, HOOGLERAAR BOEDHISME AAN DE PRESTIGIEUZE SEOUL NATIONALUNIVERSITY, AUTEUR VAN O.A.”THE POWER OF THE BUDDHAS, JAMES B. PALAIS BOOK PRIZE-WINNAAR, EDITOR VAN SEOUL JOURNAL OF KOREAN STUDIES BERICHT HIER OVER ZUID-KOREA TOEN EN NU, OVER UIGWE EN KYUJANGGAK, HANGEUL, DE VELE STARBUCKS IN SEOUL EN OVER CORONA

Toen ik Sem Vermeersch vroeg om in deze coronatijden een artikeltje te schrijven voor de Maerlantkrant, was dit zijn antwoord (na de boeiende en bijzonder leerrijke tekst volgt nog meer informatie over hem, al eerder, in 2015, in de Maerlantkrant verschenen)

“Noord of Zuid?” is de vraag die ik vaak krijg van iemand tegen wie ik zojuist gezegd heb in Korea te wonen en werken. Dat is wel degelijk Zuid-Korea, gelukkig maar. En dezer dagen zelfs dubbel gelukkig, want Zuid Korea is één van de landen die Covid-19 het best in toom heeft weten te houden. Helaas zit ik op het moment dat ik dit schrijf vast in België, maar het biedt me wel even een ander perspectief op het land waar ik al bijna de helft van mijn leven doorgebracht heb.

Toen ik in 1992 voor het eerst naar Korea trok, werd dat door familie en vrienden vooral op onbegrip en verbazing onthaald: Voor velen was Korea toch een land dat met armoede, oorlog, en ontbering geassocieerd werd. En tot niet zo lang daarvoor klopte dat ook. Na de verwoestende Koreaanse oorlog van 1950-53 was het land tot ver in de Jaren 60 qua BNP op het niveau van vele Afrikaanse landen, en tot 1987 een militaire dictatuur. In 1992 was de situatie wel al sterk veranderd, maar de perceptie nog niet. Vrijwel niemand wist dat Samsung een Koreaans technologie bedrijf was, en had iemand die dat wist toen gezegd dat het ooit Sony van de troon zou stoten…. Was die waarschijnlijk voor gek verklaard.

Zuid Korea was toen ook nog een erg gesloten land. De laatste dictator was wel in 1987 afgetreden, een collega-generaal had de eerste verkiezingen gewonnen. Na zijn termijn van 5 jaar was het in 1993 Kim Young-sam die de eerste echt democratisch verkozen president werd. Maar Zuid Korea baadde toch nog sterk in de koude oorlogssfeer, die sporadisch warm werd in grimmige confrontaties met de noorderbuur. Dat zat ook nog in de mentaliteit; weinigen hadden buitenlandse ervaring, Engels was iets wat je alleen voor examens nodig had, en iedereen was trots op de nationale homogeniteit: een puur ras, onbezoedeld door buitenlandse bloedlijnen. Kortom, een bunkermentaliteit. Had je me toen gezegd dat ik ook ooit aan Seoul National University, de meest prestigieuze universiteit van het land, zou doceren, had ik je nog gekker verklaard dan die van de Samsung-voorspelling.

Maar dat is het nu juist met Korea. Er is een rusteloze energie en drang naar verbetering, en voor een slome Europeaan is het soms knap lastig om mee te benen met de pijlsnelle evolutie van alles in Zuid-Korea. Een collega van me heeft daarvoor de term “compressed moderity” bedacht: evoluties die in ander landen decennia of zelfs eeuwen duren, voltrekken zich in Zuid-Korea over een veel kortere periode. Zoals de overschakeling van agrarische naar industriële maatschappij, of de verandering van jonge naar vergrijsde samenleving: waar Frankrijk er 115 jaar over deed om van een “aging society” (7% van de bevolking ouder dan 65) naar een “aged society” (14%) te evolueren, deed Zuid Korea er amper 19 jaar over. Zo ook met internationalisering: waar in de jaren 90 vrijwel niemand koffie of wijn dronk, vind je nu wellicht de meeste Starbucks ter wereld in Seoul, en heb je ook Koreaanse topsommeliers. Als liefhebber van Koreeanse dranken steek ik nu schril af tegen jongere en niet zo jonge Koreanen met gesofistikeerde internatioale smaken…

Seoul National University, als monolithische, zelfingenomen staatsuniversiteit, hinkte wat achterop in internationalisering, en dus besloot de rector van de universiteit in 2007 om een inhaalbeweging te maken: 100 buitenlandse professoren ineens zouden er aangeworven worden. Gelukkig had ik het juiste profiel voor een van die betrekkingen. De campus herbergt namelijk ook een archief en bibliotheek, Kyujanggak genaamd,

dat teruggaat tot 1776. Om ook een onderzoeksinstituut uit te bouwen met internationale uitstraling, zocht Kyujanggak dus iemand die naast Engels en Koreaans ook uit te voeten kon met klassiek Chinees. Als voormalige koninklijke bibliotheek herbergt Kyujanggak namelijk een schat aan historische bronnen over de Joseon dynastie (1392-1910), maar die zijn allemaal opgesteld in het klassiek Chinees. Alhoewel het Koreaanse alfabet, Hangeul, al bestaat sinds de 15de eeuw, was de culturele impact van China en het prestige van de Chinese beschaving dusdanig dat klassiek Chinees de officiele taal van alle documenten en belangrijke boeken bleef, tot het verdwijnen van de dynastie in 1910.

Een van de beroemdste stukken uit onze collectie is de Joseon wangjo sillok, de annalen van de dynastie: een onafgebroken kroniek van wat er zich in het koninkrijk van dag tot dag afspeelde, in 1187 volumes. Maar daarnaast zijn er nog talrijke documenten, kaarten, en oude boeken, sommige teruggaand tot de 14de eeuw. Om dat allemaal te ontluiken hebben we een International Center for Korean Studies, dat een hele waaier aan programma’s aanbiedt: uitwisselingsprogramma’s voor academici en studenten, workshops, conferenties, zomerscholen …. Daarnaast geven we ook een academisch tijdschrift uit, de Seoul Journal of Korean Studies, waarvan ik nu al 12 jaar editor ben. Op de bijgaande foto zie je mij Bruce Fulton, een collega uit UBC (Canada) uitleg geven over de uigwe, een soort officieel raport over belangrijke hofrituelen zoals begrafenissen, huwelijken, en feesten. Het is een beetje in scene gezet, want het diende voor een promotionele video over de universiteit, maar het geeft toch een sfeerbeeld van mijn werkplek.

Omdat Kyujanggak geen colleges kan geven (oftewel lessen met kredietpunten), ben ik daarnaast ook verbonden aan het departement voor de studie van religie. Daar geef ik lessen over boeddhisme en andere godsdiensten in Korea en Azië, veelal aan buitenlandse uitwisselingsstudenten, en begeleid ook masters en doctoraatsstudenten. Alhoewel de hoofdbezigheid van een professor in theorie research is, komt daar in de praktijk weinig van terecht. Door al de administratieve taken in Kyujanggak heb ik meestal alleen na de kantooruren tijd om aan artikels, boeken of vertalingen te werken. Dus is 2020 welgekomen als sabbatjaar om wat researchtijd in te halen. Helaas niet in Korea, waar ik eigenlijk plande heel wat tempels en archeologische sites te bezoeken. Want ook de geschiedenis staat niet stil: steeds nieuwe archeologisch vondsten nopen ons de geschiedenis opnieuw te bekijken. Maar hopelijk kan ik daar in de tweede helft van 2020 toch nog werk van maken.

Sem Vermeersch is hoogleraar religieuze studies aan de Seoul National University (SNU) in Zuid-Korea. Hij is één van de vooraanstaande academici op het gebied van Koreaanse studies. Hij is de afgelopen twintig jaar bezig geweest met het bestuderen van het oude Koreaanse boeddhisme.

Sem Vermeersch studeerde Chinees aan de Universiteit van Gent en heeft dit verder gedaan aan de Anhui Normal University in China.

Hij besloot om Koreaans te studeren aan de Academie voor Koreaanse studies in Seongnam, een voorstad van Seoul en dacht toen niet dat hij daar twintig jaar later zelf les aan studenten zou geven.

Het onderwerp waarop Vermeersch zich zou concentreren was het Goryeo boeddhisme. Hij behaalde een doctoraat aan de School van Oosterse en Afrikaanse Studies (SOAS) verbonden aan de Universiteit van Londen. Hij trouwde met een Koreaanse die hij in Londen ontmoette. Van 2002 tot 2003 werkte hij als postdoctoraal onderzoeker aan het Korea Institute van de Harvard Universiteit in de Verenigde Staten.

Sem Vermeersch spreekt vloeiend Engels, Chinees en Koreaans. Hij heeft de ogen geopend van zowel Koreaanse als buitenlandse studenten voor de fascinerende wereld van het boeddhisme in het middeleeuwse-Korea. Hij publiceerde boeken en artikelen die een dieper inzicht bieden in de Koreaanse geschiedenis en cultuur voor een internationaal publiek. In 2008 verscheen zijn boek The Power of the Buddhas: The Politics of Buddhism During the Koryo Dynasty

SEM VERMEERSCH IS DE BROER VAN JENS VERMEERSCH, OOK OUD-LEERLING (1984), INTERNATIONALISATION OFFICER BIJ HET GO! HIJ IS MASTER IN GESCHIEDENIS EN COMMUNICATIEWETENSCHAPPEN. HIJ HEEFT MEER DAN 2O J. ERVARING IN INTERNATIONAAL PROJECT MANAGEMENT.

Reactie's