POËTISCH TAALFILOSOFIETJE: WILLEM VERMANDERE EN BRIHANG – DIE ENKELE KEREN IN HET MAERL.-ATH. EEN ‘OE IST’-WORKSHOP HIELD – OVER RIJM EN EIGEN TAAL

In de weekenduitgave (28/29/08/2018  van De Standaard praten beide West-Vlaamse zangers en liedjesschrijvers samen over hun kunst en veel meer.

Over de TAAL waarin ze schrijven zegt Vermandere: “Als je in het Engels zingt, moet je naar Engeland gaan. Er is meer dan werk genoeg werk in je eigen taal”

En over RIJM zegt Vermandere: “Voor mij is dat de stapsteen van de gedachte”

Allebei dragen ze een eigen tekst voor: fragmentjes:

Vermandere: “

O, ik wil het allemaal nog geirn geloven

Dat mirakel van die zes kruiken wijn

En van Lazarus die al drie dagen ood was

Weer levend, meer moet dat niet zijn

Dat is het werk van dichters en zangers

Als ‘t maar rijmt, is het een fluitje van een cent

Dat Jezus zijn moeder nog maagd was

Is toch zo’n geestig vertellement

Brihang:

Ik zoom uit vanuit mijn huis

En ik wrijf over mijn dak

Ik zeg: bedankt, voor alles wat je opvangt langst de bovenkant

Ge zijt de pet voor mijn pet

En de huid voor mijn huid

Je gaat alleen dicht als ik je sluit

Je houdt me droog en, je houdt me warm

Ik onthoud alleen de nooduitgangen

En ik onderhoud de batterijen van je brandalarm

Ge zijt toch niet jaloers op een kerk of een kathedraal of op het gebouw van financiën in Dubai

Want overal staat er een tafel met daaronder de stoelen

En een kast om te koelen

En een bad om te spoelen.

Toen Brihang (dit is West-Vlaams voor ‘brigand’ = smeerlap) een keertje op school was schreef Yannick: