In de weekenduitgave (28/29/08/2018 van De Standaard praten beide West-Vlaamse zangers en liedjesschrijvers samen over hun kunst en veel meer.
Over de TAAL waarin ze schrijven zegt Vermandere: “Als je in het Engels zingt, moet je naar Engeland gaan. Er is meer dan werk genoeg werk in je eigen taal”
En over RIJM zegt Vermandere: “Voor mij is dat de stapsteen van de gedachte”
Allebei dragen ze een eigen tekst voor: fragmentjes:
Vermandere: “
O, ik wil het allemaal nog geirn geloven
Dat mirakel van die zes kruiken wijn
En van Lazarus die al drie dagen ood was
Weer levend, meer moet dat niet zijn
Dat is het werk van dichters en zangers
Als ‘t maar rijmt, is het een fluitje van een cent
Dat Jezus zijn moeder nog maagd was
Is toch zo’n geestig vertellement
Brihang:
Ik zoom uit vanuit mijn huis
En ik wrijf over mijn dak
Ik zeg: bedankt, voor alles wat je opvangt langst de bovenkant
Ge zijt de pet voor mijn pet
En de huid voor mijn huid
Je gaat alleen dicht als ik je sluit
Je houdt me droog en, je houdt me warm
Ik onthoud alleen de nooduitgangen
En ik onderhoud de batterijen van je brandalarm
Ge zijt toch niet jaloers op een kerk of een kathedraal of op het gebouw van financiën in Dubai
Want overal staat er een tafel met daaronder de stoelen
En een kast om te koelen
En een bad om te spoelen.
Toen Brihang (dit is West-Vlaams voor ‘brigand’ = smeerlap) een keertje op school was schreef Yannick:






