
We verbleven de eerste schoolochtend op de Maerlant-campus en zagen leerlingengroepjes van het 1ste middelbaar met papier in de hand luisteren naar de begeleidende leerkrachten en opdrachten uitvoeren, die op een speelse, maar leerrijke wijze waren opgesteld.






Weinigen zullen tijdens die momenten aan MAERLANT gedacht hebben. Hij, Jacob van Maerlant, was de grootste 13de-eeuwse schrijver, die ridderromans schreef, klassieke, Keltische, de Rijmbijbel, Der Naturen Bloeme – wetenschap uit die tijd – , Spieghel Historiael – een wereldgeschiedenis , en gedichten. Hij was Dammenaar en woonde, werkte als koster en ‘onderwijzer’ in Voorne, in Maerlant, in Den Briel (Zuid-Holland).
In die halfwetenschappelijke, encyclopedie-achtige DER NATUREN BLOEME schrijft Maerlant ook heel wat over de

WOLF
dat viervoetige zoogdier dat nu erg in de actualiteit is:
“De lupus – ‘wolf’ in onze taal – is een vals en kwaadaardig dier, onverzadigbaar en roofzuchtig.
Wanneer een wolf die een schaap heeft geroofd achtervolgd wordt, ontkomt hij met zijn prooi door het schaap zo voorzichtig bij de vacht te dragen dat het dier zich niet verroert.
Wolven zijn altijd mager, omdat ze hun voedsel niet kauwen. Het kunnen menseneters worden wanneer ze een lijk vinden en ervan eten, want daarna kunnen ze de heerlijke smaak van mensenvlees niet meer vergeten en wagen ze er zelfs hun leven voor.”
Sedert 1901 heet de straat, waar het Maerlant-atheneum is, VAN MAERLANTSTRAAT. Sedert 1997 heet de school – vroeger RNS en KA Blankenberge – Maerlant-atheneum
