
De magisch-realistische Vlaamse schrijver Hubert Lampo raakte gefascineerd door de 18de-19de-eeuwse advocaat Charles-Joseph De Graves RÉPUBLIQUE DES CHAMPS ELYSÉES, OU MONDE ANCIEN en schreef er in 1957 zijn in boekvorm uitgegeven essay Toen Herakles spitte en Kirke spon over. Ik las van de Blankenbergse auteur (o.a. van Te Borgen) Raymond Brulez het essay Ulysses en de Nederlanden, vooral over Lampo.

Volgens de advocaat was er geen twijfel mogelijk: de Trojaanse oorlog was niet in het huidige Turkije uitgevochten, maar in Vlaanderen. De Odyssee had niks met de Middellandse Zee te maken. Nee, de man had tien jaar rondgezworven op en rond de Noordzee. Voor alle plekken in het epos had De Grave, die in het Frans schreef, een uitleg. Neem het eiland waar de tovenares Circe Odysseus’ metgezellen in zwijnen veranderde: Zierikzee natuurlijk. De onderwereld bereikt de man via Hellevoetsluis. En Kerberos, de hond met de drie koppen die de onderwereld bewaakt, staat symbool voor de rivier de Honte, vandaag de Westerschelde, die drie mondingen had.
Ook moet, steeds volgens de Grave, Ulysses in zijn dolage, geland zijn in de haven van Blankenberge!
de Latijnse naam van de Griekse held is Ulysses. Ulysses werd Lisse van Lissewege. Ook ten noorden van de huidige landsgrens stichtte Ulysses een dorp: vandaag Vlissingen. Zierikzee identificeerde hij met Circea, de woonplaats van de godin Circe.



