L’ Athénée Maerlant (Blankenberge) souhaite la bienvenue au Lycée Jean-Paul de Rocca Serra à Porto Vecchio (Corse). 17/03, net voor de middag. De abituriënten van beide scholen bezoeken samen de Franse soldatenbegraafplaats SAINT CHARLES DE POTYZE (Iepers gehucht).
Aardrijkskundeleraar STEFFEN CLOET verstrekt de uitleg.
Deze begraafplaats is één van de twee Franse militaire begraafplaatsen in de Westhoek. Meteen is het ook de grootste Franse militaire begraafplaats van Vlaanderen. De begraafplaats werd pas na de eerste wereldoorlog ingehuldigd. De meeste bijgezette oorlogsslachtoffers stierven tijdens de belangrijke Franse aanwezigheid tussen oktober 1914 en april 1915. Ze werd ingehuldigd op 20 oktober 1922. Vermoedelijk liggen hier 4.171 Franse militaire begraven:
3.547 doden in individuele, dubbele en collectieve graven
609 doden in een ‘Ossuaire’
15 recente graven met stoffelijke overschotten die door de ‘diggers’ gevonden werden tijdens hun werk op de Ieperse industriezone langsheen het kanaal Ieper-IJzer.
Misschien zijn er ook Corsicaanse soldaten.
De Fransen gebruikten het schooldomein daar als medische hulppost, “Poste de secours de Saint-Charles de Potyze”. Soldaten die overleden, werden begraven in een aangrenzende tuin. Tijdens de oorlog werden de school en de begraafplaats echter voor een groot stuk vernield. Aanvankelijk werden gesneuvelden in massagraven begraven, maar al gauw legde men individuele graven aan, zoals ook vastgelegd in een Franse wet van eind december 1915. Vanaf 1919 werd de begraafplaats hersteld en uitgebreid met graven uit de omliggende slagvelden. Vanaf 1920 konden Franse gesneuvelden ook gerepatrieerd worden. Veel onbekende doden kwamen in massagraven terecht, o.a. op de Kemmelberg.