Taal- en andere ‘filosofie’: Pasen en opstanding of verrijzenis in Jeruzalem, wonder en mirakel en ik weet (w)(s)onder.

Het is Pasen: de opstanding of verrijzenis van Jezus. Hij verrees, hij  is verrezen. In het Engels zegt men ‘resurrection’, hoewel men in die taal over het werkwoord ‘rise, rose, risen’ beschikt, gebruikt men een Frans leenwoord om die opstanding weer te geven.

Het was een WONDER, een MIRAKEL. We gebruiken beide woorden in het Nederlands, een Germaans en een woord uit het Latijn.  MIRAKEL geeft een wat religieuzere sfeer weer.

In het Engels kent men ook beide woorden. WONDER is er zelfs een werkwoord. Het betekent zich afvragen, maar het bevat toch een wat wonderlijke sfeer. Ik kende al lang de Vlaamse uitdrukking IK WEETSONDER, maar zag er het WONDER  niet in tot ik bij Stijn Streuvels las: “’k Weet wonder wanneer gij een boerinneke zult onder den vlier leên, Max? vroeg hij.”.

Jezus’ verrijzenis geschiedde in Jeruzalem. Nu is daar de Heilig Grafkerk. Directeur Maerlant-ath.  J. Balbaert, zijn vrouw Astrid Van Keer, lerares wiskunde in de Tienerschool De Haan en PAV in het Maerlant Bl’b en hun zoon Johannes, ll. 2A Maerl.-ath. waren er. Zij schrijft: “Dat was een heel intens moment … mensen namen samen met ons Johannes uit de stoel … legden hem op Jezus’ graf en vroegen om een wonder … heel speciaal en weet dat we zonder dat we het door hadden in tranen uitbarstten”

In Brugge  is er in de Jeruzalemkerk  een crypte met een relikwie van Christus’ kruis en er is een nagebootst graf van Christus.

Reactie's