Als een doodsprentje zo oud is als het hier afgebeelde van Hugo Verriest (zie over hem ook het artikel van enkele dagen geleden) dan gebruik ik graag het West-Vlaamse woord : DOODZANTJE, omdat ik dan een gevoel van heiligheid (z/santje … sanctus = heilig) ontwaar.
Arnold Bekaert kreeg bij zijn geboorte in 1950 de voornaam Arnold, wat zijn grootvaders wens was. Die grootvader was onderwijzer in Ingooigem en woonde net naast het Lijsternest, Stijn Streuvels woning. Met de schrijver was hij bevriend. Van zijn grootvader erfde A. Bekaert het doodzantje van Hugo Verriest, tussen 1895 en 1912 pastoor in dat dorp tussen Leie en Schelde.



