
Het LEESPLANKJE VAN GHOOGEVEEN (bekend van “aap, noot, mies”) werd vanaf circa 1910 tot de jaren 70 gebruikt in het Nederlandse lager onderwijs om kinderen te leren lezen. Het houten plankje, ontwikkeld door M.B. Hoogeveen in 1897, combineerde afbeeldingen met letters en woorden, vaak met illustraties van Cornelis Jetses.
Hier zijn de belangrijkste details:
- Volgorde van woorden:
- Aap, noot, mies, wim, zus, jet, teun, vuur, gijs, lam, kees, bok, weide, does, hok, duif, schapen.
- Aap, noot, mies, wim, zus, jet, teun, vuur, gijs, lam, kees, bok, weide, does, hok, duif, schapen.
- Doel: Kinderen leerden klanken herkennen door letters uit een rood blikje bij de juiste plaatjes te leggen.
- Varianten: Naast de klassieke versie bestond er ook een katholieke versie met “aap, roos, zeef, muur”.
- Nostalgie: Het plankje is tegenwoordig een populair verzamelobject en wordt soms in de media (zoals bij “de morgen”) aangehaald als symbool voor de basis van het lezen.
Enkele weken geleden las ik op de omslag van De Standaard Weekblad
APP NOOT MIES
en dacht aan dat leesplankje dat al jaren in mijn bureau staat en realiseerde me eens te meer hoe de wereld veranderd is.


