
Stijn Streuvels (1871-1969) heeft het op 1 aug. 1914 over paarden die door het Belgische leger opgekocht woorden bij landbouwers, die blij waren met de hoge prijs en andere “die gevoelerig zijn van gemoed – pinken een traan weg en zien meewarig hun lieve dieren vertrekken”.

Hij schrijft ook dat hij ‘s avonds bezoek krijgt van “de schilders De Saedeleer, Van de Woestijne en d’Haye en in plaats van over kunst, loopt het gesprek over oorlog; maar we weten geen van allen wat er aan de hand is en de lustigheid blijft erin.”

Van Streuvels was in 1907 al zijn roman DE VLASCHAARD verschenen, in 1927 DE TELEURGANG VAN DE WATERHOEK, dat in 1971 door Fons Rademakers werd verfilmd tot MIRA (scenario Hugo Claus, acteurs o.a. Jan Decleir en Willeke van Ammelrooy).


Tijdens WO1 verschenen stukken uit zijn dagboek – IN OOLROGSTIJD – in de Duitsgezinde VLAAMSE POST, delen ervan werden overgenomen door Duitse kranten om te bewijzen dat de gruweldaden van de Duitsers verzinsels waren …
Toen hij die dagboeken schreef woonde hij in Ingooigem, in het LIJSTERNEST.

In 1943 verscheen een Duitse film op Streuvels’ DER FLACHSACKER gebaseerd. Na WO2 werd Streuvels van collaboratie beschuldigd, maar de klacht werd geseponeerd.

In een gesprek met Eva Barbiaux, nu Maerlant-ath.- lerares, in 2015 leerlinge 6HW, vertelde August Defevere, oud-student (eind jaren ’30, begin ’40), oud-onderwijzer, oud-studiemeester, oud-econoom, o.a. over literaire en andere voordrachten voor de normaalschoolstudenten. Hij herinnerde zich de weigering van toen beroemd Vlaams schrijver Stijn Streuvels, om naar die Staatsschool te komen.
Ik las dit verhaal ook in ‘t Schelpje, toenmalig tijdschrift van de Bond Onze Scholen van de RNS.