
Veel Maerlant-ath.lln. zullen zich de Pillecijn herinneren van de gwp’s in Malmedy waar ze in het atheneum lessen bijwoonden, met leraren en leerlingen praatten om na te gaan wat ze wisten over de Vlaamse auteur die tussen 1926 en 1933 leraar Nederlands en Engels was geweest in het Athénée Royal de Malmedy, de stad waar hij inspiratie opdeed voor zijn romans HANS VAN MALMEDY en MONSIEUR HAWARDEN.


Lees ook eens…
De PEST was een pandemie. ROCHUS is de pestheilige. F. De Pillecijn schreef het verhaal ROCHUS. Het oorlogsverleden van de auteur is omstreden. Op 2 juni 1946 noemde J. Bernaert, secretaris van de Bond Onze Scholen hem op de oud-leerlingendag een huichelaar
Dichteres, Gezelle-specialiste Christine D’Haen uit zich in VRIJ NEDERLAND 18/10/1997 bijzonder lovend over Raymond Brulez, n.a.v. diens romancyclus MIJN WONINGEN, waarvan HET HUIS TE BORGEN (= in Blankenberge) het eerste deel is.


Zij schrijft o.a.
Een louteringsgeschiedenis, waarbij de auteur ons leert, hoe onuitsprekijk subtiel en complex de motivering is van mensen die verrassende, veroordeelbare, onbegrijpelijke handelingen doen
De wereld: de Vlaamse kust, in het bijzonder Blankenberge…Toch is het doel niet realistisch: beeld en taal zijn belangrijker dan exact kopiëren…
De taal! Wat een fenomeen, op het Frans geënte schrijftaal, nooit zo gesproeken, met ingewikkelde, maar feilloze zinsbouw, vol citaten in zes talen, vol toespelingen op kunstwerken, gedichten, plaatsen, personen, feiten
