Stefan Van den Broeck, begin jaren ’90 leraar Latijn in het Maerlant-ath., leest op FB elke boekenbeursdag een bladzijde uit een boek in zijn boekenkast. Hij schrijft romans, vertaalt uit het Latijn en Grieks, is recensent. In 1990 stond hij in de Maerlantkrant met zijn Daphnis en Chloë-vertaalpublicatie. In De Morgen van 06/12/1991 met een vroege recensie.

Bij een opruimactie van oude Café des Arts-nummers uit de jaren ’90, vond ik in het exemplaar van 6dec. 1991 een recensie door Stefan Van den Broeck, een kritische, van een vertaling van Daphnis en Chloë van Marc Moonen. Ik herinnerde me dat hij er ook een had gepubliceerd en ja, hij verwijst erin naar zijn vertaling.

Hij vat het verhaal samen: “Twee vondelingen, die op het platteland opgroeien, verliefd worden, door allerlei obstakels gescheiden blijven maar uiteindelijke elkaar vinden in het huwelijks(sbed). Door plattelandse, dat bucolische noemt men Longus’verhaal een pastorale

Ik leer in de recensie het woord ‘apheleia’ kennen, dat niet in van Dale staat, maar wel in mijn Grieks woordenboek met de betekenis ‘eenvoud’. Van den Broeck noemt het verhaal van Longus een ‘stationsroman uit de oudheid’, een omschrijving die commentaar opleverde.

Nadat Guy Vandamme met pensioen was gegaan en vóór Marie-Rose D’Haese Latijn kwam onderwijzen, was de dertiger (of nog net niet) Stefan van den Broeck leraar Latijn in het Maerlant-atheneum. Hij is de oudste zoon van auteur Walter van den Broeck. Nu is hij leraar Latijn in het Pegasus-atheneum in Stene. Hij is bovendien auteur van uit het Grieks en Latijn vertaalde werken en van eigen romans.

????????????????????????????????????