TAALFILOSOFIETJE : KWEKELING, SCHOOLMEESTER, ONDERWIJZER (TUSSEN 1921 EN 1987 WERDEN IN DE NORMAALSCHOOL VAN BLANKENBERGE, DUMONS SCHOOLGEBOUW, HONDERDEN ONDERWIJZERS GEVORMD)

In de 19de eeuw was een KWEKELING iemand die in Nederland in een lagere school zo vanaf zijn 14de  lessen bijwoonde met het doel er later, na examens te hebben afgelegd,  schoolmeester te worden. In België werd iemand als Hendrik Conscience op die manier hulponderwijzer.  In latere tijden volgde zo’n kandidaat in Nederland  lessen aan een kweekschool, (daar somtijds ook normaalschool genoemd)  in België aan een normaalschool. In beide landen werd men dan onderwijzer(es). Nu spreekt men, de woorden schoolmeester en onderwijzer veronachtzamend, van leerkracht lager onderwijs. Wist je dat Johan Hendrik van Dale (1828-1872)  in Sluis eerst kwekeling, later schoolmeester is geweest en wist je dat hij daar vele jaren schreef aan zijn (halve) NIEUW WOORDENBOEK, dat later deskundig werd uitgebreid tot ‘De Grote van Dale’ (In Sluis heeft van Dale nu een borstbeeld en naar hem is er ook een hotel genoemd ‘De Dikke van Dale’)