BELOKEN PASEN…Een taalfilosofietje, ook over vensterluik en drieluik en over geloken (en ontloken) ogen

vier anderstalige leerlingen ontdekken Hans Memling in het Sint-Janshospitaal in Brugge (april 2017)

Vandaag is het BELOKEN PASEN, de laatste dag van de paasweek.

‘Beloken’ betekent ‘gesloten’. In mijn Middelnederlandsch Handwoordenboek vind ik al het woord LUKEN= toedoen, toeknijpen, sluiten. De hoofdtijden van het hedendaagse werkwoord LUIKEN zijn LOOK, GELOKEN.

Het substantief LUIK heeft meer betekenissen…schot waarmee een opening in het huis kan worden gesloten (vensterluik), maar ook paneel van een schilderij. Op de foto’s ziet men een drieluik (triptiek) van Hans Memling en een van de Meester van de Catharinalegende. Van Eycks LAM GODS is een veelluik (polyptiek)

GELOKEN is gesloten en wat kan poëtischer zijn dan ‘geloken ogen’. ONTLOKEN ogen zijn weer, net, open. Zijn die minder dichterlijk?

Sourdine (Luuk Gruwez)

En als er geen tederheid meer is,
laten wij de tederheid dan veinzen
met geblinddoekte handen en geloken ogen,
liggend aan elkander als een grens.

Een woord mag dan niet langer een woord heten,
maar een mondvol troostvol verzwijgen;
en verlangen niet langer een armslag lang,
maar verder, weidser dan een vergezicht

vol zomervogels, muziek van Mendelssohn, een sfumato
aan Da Vinci ontleend. Jij zult je mooiste medelijden
ruilen met mijn liefste verdriet; ik, voorzichtig talmen
om het tanen van je lichaam dieper af te tasten.

O als er dan nog tederheid is,
laten wij de tederheid vrezen
als een zeer oud zeer. Zoveel tederheid,
daar kon geen mens ooit tegen.