Op 25 april gaf RNS/KA Bl’b-oud-lle 1972 INGA SCHARLEY in het Casino een toespraak over TRAPPEN NAAR DE DIJK (n.a.v. de restauratie van de Kerkstraattrap). Ziehier een tekstfragment.
Inga Scharley is oud-lle 1972. Zij is kinesiste en werkte in het Fabiola-ziekenhuis en later in de Strandjutter. Als tiener was ze al bij het Rode Kruis, de Zeescouts en in het bestuur van de Jonge Economische Kamer. Ze was de eerste vrouwelijke voorzitter van de Blankenbergse Tennisclub. Al meer dan 25 j. is ze stadsgids, ze helpt stedelijke tentoonstellingen opzetten, is actief voor Erfgoedddag en Open Momumentendag. Zij is de moeder van Maerlant-oud-ll. Mitch De Geest en de partner van oud-ll. Alain Mengé. Maerlant- Faith De Geest, Maerlant-lle. 6SW en Owen De Geest, Maerlant-ll. 4NW zijn haar kleinkinderen.
Op mijn vraag schreef ze:
Blankenberge (2.2km²) beschikt op een kleine oppervlakte over een schat aan erfgoed vooral uit de Belle Epoque periode (19de eeuw) , naast de st Antoniuskerk die dateert uit de 14de eeuw en het oud stadhuis uit de 17de eeuw. De pier, de uitbouw van de haven, het casino, de paravent maar vooral de dijk en de trappen naar de dijk zijn unicums aan de Belgische kust uit de tijd toen Blankenberge in enkele decennia evolueerde van een kleine vissersgemeenschap naar een bruisende badplaats.
Het zeefront van Blankenberge was in 1840 nog een ongerept duingebied met enkel op het duin het fort Napoleon met vuurtoren en een douanepost.
Vertellen over de trappen naar de dijk kan niet zonder ook de evolutie van deze promenade uit te leggen.
Het embryo van de dijk was een houten pad op de duinen dat in de volksmond de plancher werd genoemd . het stadscentrum werd toen verbonden met het strand door houten trappen die tegen het duin aangelegd werden. Tussen 1840 en 1900 evolueerden deze beiden tot monumentale bouwwerken, erfgoed uit de zo geroemde Belle Epoque periode. De 3 trappen respectievelijk aan de Kerkstraat, de Bakkerstraat en de Weststraat zijn unicums aan onze Belgische kust.Restaureren en onderhouden van deze pronkstukken is dan ook een must voor het behoud van het Blankenbergs erfgoed