HENDRIK VAN VELDEKE gebruikte als eerste schrijver (12de eeuw) het woord APRIL. In het Middelnederlandse (Duits gekleurde) handschrift staat het als ABERELLEN gespeld. “In april, als de bloemen ontluiken…”

Hendrik van Veldeke is de eerste Middelnederlands schrijvende dichter uit het Maasland (Hij wordt ook vermeld in Duitse literatuurgeschiedenissen). Hij is de 12de-eeuwse auteur van het heiligenleven SINT-SERVAES,

van een Aneasroman ENEÏDE, van minneliederen.

Hij schreef dit APRILGEDICHT

Frits van Oostrom vertaalde de tekst:

In april, als de bloemen ontluiken, krijgen de linden bladeren en worden de beuken groen. Dan hebben de vogels wat ze willen en zingen ze, want ze vinden liefde waar ze haar zoeken, bij hun partners.

Beide talen Duits en Nederlands vinden redenen om dichter die in Maastricht een standbeeld heeft, tot hun literatuur te rekenen.

We gaan even terug naar de periode voor 800, toen al die Germaanse talen nog niet afzonderlijk bestonden en toen ze THEUDISK genoemd werden, afkomstig van ‘theudo’ = volk, volkstaal dus, in tegenstelling tot het Latijn vooral. Later gebruikte men in het Nederlands ‘diet’ en Diets en ook Duits = German en Dutch = Nederlands…verwarrend wel.

De Limburgse dichter Hendrik van Veldeke, die een Servaaslegende en een Eneïde (naar Vergilius’ Aeneïs) schreef, een hoofse roman, leefde in de 2de h. van de 12de eeuw en staat vermeld in Duitse literatuurgeschiedenissen en bloemlezingen én in Nederlandse.