DE STANDAARD biedt 16 dagen lang een (vervolg)- verhaal van 16 bekende schrijvers: DECAMERONE 2020. S. Hertmans is de zesde. Hem en zijn werk leerden Maerlant-ath.-leerlingen en leerkrachten kennen op school, thuis, in de bib. in de schouwburg. In OORLOG EN TERPENTIJN gaat het o.a. over de Spaanse griep die een enorme dodentol eiste, ook de geliefde van het hoofdpersonage

Stefan Hertmans’ roman ‘OORLOG EN TERPENTIJN’ lazen en lezen Maerlant-ath.-lln. In 2015 lazen ze zelfs fragmenten in het Duits in de Duitse les – de roman heet in het Duits ‘Der Himmel meines Großvaters. Ze praatten met de schrijver in de bib. In 2018 waren ze in het Brugse concertgebouw voor een toneelbewerking.

Het is 1919. De Spaanse griep raast door het uitgeputte Europa, een virus dat door Amerikaanse soldaten naar het oude continent zou zijn meegebracht…Het virus eist over de hele planeet honderd miljoen doden…

Nu is het zijn mooie Maria Emelia die wat ziek wordt…ze raakt uitgeput, vermagert zienderogen, hij zit elke avond bij haar bed, houdt haar handen in de zijne…Maria Emelia krijgt longontsteking…Een fatale wending…Op een dag zegt ze hem: Ik geef u de vrijheid terug, met mij heb je geen toekomst…Zijn verdriet was te erg voor woorden…Maar hij is niet gestorven

(en hij trouwt later op vraag van Maria Emelia’s vader met de oudere frigide zuster…)

Ze praatten met de schrijver in de bib.

In 2018 waren ze in het Brugse concertgebouw voor een toneelbewerking.

In De Standaard van vandaag 23 maart schrijft S. Hertmans zijn Decamerone-verhaal: JE HEBT GEEN IDEE, dat begint met:  

‘Decameter’ leerde ik in het 3de of 4de lj. (anno 1951)  kennen…lengtemaat, 10 meter. Dat ‘deca’ – δέκα – Grieks is leerde ik in de 4de Grieks-Latijnse in 1957. Jongeren kennen ‘deca’ wellicht van Decathlon, sportwinkel. Zonder ‘h’ is het een synoniem van ‘tienkamp’ (athlos= Grieks voor wedstrijd).

‘Hemera’ – ἡμέρα is dag, ook een Grieks woord. ‘Hemerotheek’ is een verzameling van DAGbladen. (en ‘kali mera’ is goede, mooie dag)

Boccaccio schreef de DECAMERONE bijna 700 jaar gelden, ten tijde van de pest. Het is een boek van de quarantaine, vele honderden bladzijden dik. Het stelt een rij nooit gehoorde verhalen voor, die tien jonge edellieden, die voor die Zwarte Dood uit Florence en naar het platteland vluchtten, aan elkaar vertelden. Een raam verhaal.

In die verhalen gaat het om liefde en verraad, gemeenheid en begerigheid, lust en overgave, om zonden, om verzoening, om principes, om de stof waaruit de mens is gemaakt.

Die wordt in tijden crisis goed zichtbaar.

VIJFDE DAG NEGENDE GESCHIEDENIS:  Federigho degli Alberti bemint, zonder wederzijdse liefde en verteert in ridderlijke weelde zijn hele vermogen. Alleen zijn valk blijft over. Het vijfjarige zoontje van zijn vroegere geliefde is zwaar ziek en smeekt zijn mama die valk voor hem te bemachtigen. Zij begeeft zich naar Federigho, die haar vraagt te eten. Hij kan niets anders opdienen dan zijn valk, die ze opeet. Als zij, wier man gestorven is, die haar zijn hele rijkdom heeft achtergelaten, hem de val vraagt voor haar zoon, deelt hij haar mee dat zij die net heeft opgegeten.. Zij verandert haar gezindheid en neemt hem tot man en maakt hem rijk.

Aan haar broers die haar na de dood van haar man wel aanspoorden opnieuw te trouwen zeden zij “Dwaze vrouw, hoe kun je hem nu nemen, die niets bezit op deze wereld? Zij echter antwoordde: “Mijn broers, ik weet wel dat dit zo is. Ik geef echter de voorkeur aan een man wie rijkdom ontbeert, boven de rijkdom die de man ontbeert.”

Sedert 17 maart en tot 3 april publiceert de krant De Standaard elke dag een soort Decamerone-achtig (vervolg)- verhaal.

Reactie's