OMSLAG EN LITERAIR VERHAAL VAN DEZELFDE KUNSTENAAR: LE PETIT PRINCE VAN ANTOINE DE SAINT EXUPERY + TAALFILSOFIETJE OVER CURSORISCH LEZEN.

In De Standaard der Letteren van gisteren kon men in de rubriek DE COVER MAAKT HET BOEK in ‘Het zoekplaatje van de kleine prins’ lezen dat de Franse schrijver-vliegenier Antoine de Saint-Exupéry niet alleen LE PETIT PRINCE schreef, maar dat hij de cover (en andere tekeningen in het boekje) maakte. De Morgen had het in okt. 2015 ook al hierover.

 Het kopje luidde: De kleine prins: knullige prenten bij een dromerig, naïef verhaal…en verder Saint-Exupéry’s gezwoeg leverde een reeks onhandige illustraties op, waarbij de personages nooit stabiel op hun benen lijken te staan. De schrijver worstelde met de handen van zijn personages die eerder op wantjes lijken. Vaak moffelde hij ze weg achter broekzakken, zoals op de cover te zien is. Toch past de knulligheid van de prenten perfect bij het naïeve verhaal dat Saint-Exupéry schreef. De dunne lijnen en zachte tinten roepen een gevoelige droomwereld op

Toen ik nog leerling was in het KA Brugge was ‘cursorisch lezen’ een onderdeel van het vak Nederlands (ook wel van Frans) (teksten die in de lessen Nederlands integraal en fragmentair werden gelezen en becommentarieerd). Van dezelfde de Saint-Exupéry lazen we VOL DE NUIT…en ik herinner me nog ANTIGONE van Jean Anouilh en SEPT PETITS CROIX DANS UN CARNET van Georges Simenon. Het waren de allerlaatste jaren vijftig en 1960-1961. In de les Nederlands lazen we o.a. KAAS van Willem Elsschot, ORPHEUS IN DE DESSA van Augusta de Wit …en zeker onvergetelijk Frederik Van Eedens DE KLEINE JOHANNES. Die leraren Frans en Nederlands, Vrancken en Dambre vergeet ik niet.

In het begin van mijn lerarenloopbaan las ik in KA Maldegem met de leerlingen ook DE KLEINE JOHANNES.

Tot slot: Volgens de meest optimistische schattingen zijn er intussen 200 miljoen exemplaren in 300 talen en dialecten verspreid. Het boekje is een absolute topper, en de cover is dus iconisch, wereldwijd.